Over mij 

Ik ben Lien van Nuil, beeldend kunstenaar gevestigd in Deventer sinds 2020. Al zolang ik me kan herinneren ervaar ik een diepe drijfveer om te creëren en vorm te geven aan wat zich in mijn binnenwereld afspeelt. Die noodzaak tot maken vormt de kern van mijn artistieke praktijk.

Als autodidact beschouw ik mijn ontwikkeling als een grote rijkdom. Het stelt mij in staat om mijn werk op een autonome en eigenzinnige manier te benaderen. Ik beweeg mij buiten de kaders van traditionele scholing en gevestigde normen, wat mij de vrijheid geeft om nieuwe wegen te verkennen in zowel vorm als inhoud. Mijn perspectief als queer persoon speelt hierin een belangrijke rol; het biedt mij ruimte om los van normativiteit mijn leven én mijn kunstenaarschap vorm te geven.

Deze combinatie van autonomie en persoonlijke positie maakt dat ik steeds opnieuw kan onderzoeken wat een werk nodig heeft. Ik ben in staat mij technische vaardigheden eigen te maken wanneer dat nodig is, zonder begrensd te worden door vaste ideeën over hoe iets ‘hoort’. Hierdoor ontstaat werk dat voortkomt uit een intrinsieke noodzaak en een voortdurende zoektocht naar een passende beeldtaal.

In 2019, 2020 en 2022 nam ik deel aan Traject Blikopener. In deze periode werd voor mij steeds helderder welk verhaal ik als maker wil vertellen en hoe ik dat visueel vorm kan geven.

werk

Mijn werk bestaat voornamelijk uit groot, gelaagd, geduldig en intensief tekenwerk. Ik werk op papier met uiteenlopende tekenmaterialen zoals (soft)pastel, kleurpotlood, houtskool, grafiet, aquarel en inkt.

In de periode 2019–2023 stonden sociaal-maatschappelijke thema’s centraal. Vanuit een intersectioneel minderheidsperspectief onderzocht ik verschillende narratieven, waarbij zelfportretten een belangrijke rol speelden. In sommige gevallen was mijn eigen beeltenis te nadrukkelijk of storend aanwezig en koos ik een alternatief onderwerp als vertaling van mijn verhaal. Meestal koos ik ervoor meerkoeten te gebruiken als onderwerp.

Sinds 2025 heeft mijn werk zich verder verdiept en verschoven naar een persoonlijker vertrekpunt, waarin de impact van complex trauma een belangrijke onderlaag vormt. Een langdurige afwezigheid van herinneringen aan mijn jeugd en jongvolwassen leven maakte dat mijn persoonlijke geschiedenis gefragmenteerd en deels ontoegankelijk was. Mijn fotoarchief fungeert daarin als enig houvast.

Door deze beelden als uitgangspunt te nemen — en ze soms te combineren met hedendaags materiaal — creëer ik nieuwe narratieven en geconstrueerde herinneringen. In dit proces onderzoek ik hoe beeld kan functioneren als een plek van herstel, herinterpretatie en verbeelding. Het werk vormt een poging om niet alleen verleden en identiteit te reconstrueren, maar ook om ruimte te maken voor alternatieve werkelijkheden.

Deze werkelijkheden zijn niet bedoeld als ontkenning, maar als een noodzakelijke tegenbeweging: beelden waarin zachtheid, schoonheid en draaglijkheid bestaan naast — en soms tegenover — het onverdraaglijke. Daarmee raakt het werk aan bredere, maatschappelijk relevante thema’s rondom geheugen, trauma, identiteit en de manieren waarop individuen en gemeenschappen betekenis geven aan dat wat (tijdelijk) ongrijpbaar of onzegbaar is.

Werkproces
Ik werk met tekenmaterialen op papier, voornamelijk softpastel, (zowel krijt als potlood), aangevuld met onder andere houtskool, inkt en aquarel. Het tekenen zelf is een intensief en lichamelijk proces, waarin traagheid en herhaling een centrale rol spelen. Door middel van arcering en het steeds opnieuw uitvoeren van dezelfde handeling bouw ik mijn beelden laag voor laag op.

Die repetitieve beweging is niet alleen technisch van aard, maar vormt ook een manier van denken en verwerken. Het vertraagt mijn handelen en scherpt mijn waarneming, waardoor ruimte ontstaat voor nuance, reflectie en verdieping. In dit proces werk ik vaak aan meerdere werken tegelijkertijd, die elkaar beïnvloeden en in samenhang verder ontwikkelen.

Een essentieel onderdeel van mijn praktijk is de tijd die een werk nodig heeft om ‘zichtbaar’ te worden. Mijn tekeningen vragen niet alleen om een langdurige maakperiode, maar ook om kijktijd van mij als maker. Door het werk steeds opnieuw te benaderen en te beschouwen, ontstaat er een voortdurende wisselwerking tussen wat zich aandient en wat nog onzichtbaar blijft.

Dit dialogische proces, tussen mij als maker en mijn werk, vormt de kern van mijn praktijk. Het voltrekt zich in rust en stilte, in mijn atelier, en leidt tot zorgvuldige en weloverwogen uitwerkingen waarin ervaring, herinnering en verbeelding samenkomen.